Categorieën
Nieuws & Achtergrond

Een aan alle kanten stinkende affaire – Pieter Hotse Smit

Verzet tegen de mestfabriek

Mestfabrieken moeten een bijdrage leveren aan de klimaatdoelen door de productie van biogas. Helaas zijn de installaties omgeven door overlast en fraude. In Groenlo is het verzet groot tegen de komst van een mega-vergister. Maar wat moeten we dan met het mestoverschot?

De advocaat van de provincie Gelderland wil graag even iets rechtzetten voor de toehoorders in de rechtbank in Arnhem. Ze moeten niet denken dat straks de gigantische fabriek in Groenlo, die van mest biogas gaat maken, er komt voor de duurzame energie. Het belangrijkste is volgens hem dat de fabriek de Achterhoekse mest wegwerkt. ‘Zelfs als er meer energie in gaat dan eruit komt, blijft het een goed project.’

Een opmerkelijke uitspraak, want de te bouwen installatie krijgt, eenmaal draaiende, honderden miljoenen van het Rijk voor de productie van biogas, niet voor het oplossen van het mestoverschot. Geld dat komt uit de subsidiepot voor duurzame energie (SDE+). Geld dat dan niet meer naar zonnepanelen en windmolens kan. Terwijl de bijdrage van de tweehonderd mestfabrieken – met nog 85 in de planning – aan de Nederlandse energietransitie twijfelachtig is, zeggen meerdere deskundigen.

Die bijdrage van de zwaar gesubsidieerde mestvergisters aan de Nederlandse energietransitie is niet het enige pijnpunt aan de installaties. Er zijn ook zorgen over de gevolgen voor het milieu en het leefklimaat. De provincie Gelderland en het waterschap moesten zich woensdag in Arnhem verdedigen tegen de vergunningen die zij verleenden voor de mestfabriek bij het Achterhoekse stadje Groenlo.

Het moet een van de grootste co-vergisters van Nederland worden. ‘Co’ want uit zowel mest (minimaal 50 procent) als organisch restmateriaal moet groen gas ontstaan.

En dan zijn er nog de stankoverlast, de gezondheidsklachten en de congestie in de straten door de mestwagens. De lijst met bezwaren van omwonenden over mestfabrieken is groot, vraag maar aan de inwoners van het Gelderse Bemmel of het Brabantse Wanroij. Zij staan niet alleen. Begin 2010 al vroeg de toenmalige VROM-inspectie, na een aantal calamiteiten met dodelijke afloop, aandacht voor de risico’s van de installaties.

Na ‘aanhoudende fraude met afvalstoffen, misbruik van subsidies en het misbruiken van hiaten in toezicht en regelgeving’ verscheen in 2016 in opdracht van de Landelijke Milieukamer een zeer kritisch rapport over de fraudegevoeligheid van de co-vergister, die sinds de eeuwwisseling ‘in beeld kwam als bron van duurzame energie door biogas te vervaardigen’.

Illegale stoffen

Door het bijmengen van illegale stoffen, zoals slachtafval en chemische restanten uit de verfindustrie, vragen de auteurs zich af ‘in hoeverre deze sector bijdraagt aan een duurzaam bodembeheer en voedselveiligheid’, staat in het vertrouwelijke document dat NRC onlangs boven tafel kreeg.

Weinig is veranderd. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft co-vergisters nog altijd in het vizier als een van de vier belangrijkste broedplaatsen voor mestfraude. Over deze ‘in hoge mate gesubsidieerde branche’ schrijft het OM: ‘De regels zijn complex en moeilijk handhaafbaar. ‘

Vorig jaar werd voor miljoenen in beslag genomen, directeuren werden veroordeeld en er lopen nog talrijke onderzoeken. Niet alleen exploitanten, maar ook boeren, transporteurs en tussenhandelaren in de vergistingsbranche zijn betrokken.

Gezien de commotie die al jaren bestaat rond de mestfabrieken is het de vraag waarom regiobesturen, zoals nu in Groenlo, Venlo en het Zeeuwse Rilland, die dingen nog willen. En waarom het Rijk voor miljarden aan duurzaamheidssubsidies verstrekte om ze van de grond te krijgen.

Als onderdeel van een pakket maatregelen om fraude tegen te gaan, is begin dit jaar de extra financiële prikkel voor mestfabrieken weggenomen door het subsidieregime te versoberen. Maar Klimaatminister Eric Wiebes blijft voor zijn energietransitie geloven in de technologie. Eerder deze maand schreef Wiebes aan de Kamer dat de mestinstallaties belangrijk blijven ‘voor de Nederlandse hernieuwbare energiedoelen’.

Tegenstanders zien heel andere redenen voor het blijven bouwen van mestfabrieken. ‘Nederland heeft te veel vee en daardoor een mestoverschot’, zegt Johan Vollenbroek, die met zijn Mobilisation for the Environment in de Arnhemse rechtbank het woord voert in de strijd tegen de komst van de co-vergisters bij Groenlo. ‘Door die mest te verwerken hoeven regiobesturen hun veestapel niet in te krimpen. Het is een manier om de intensieve landbouw in stand te houden.’

In een schriftelijke reactie erkent wethouder Bart Porskamp van Oost-Gelre, de gemeente waar Groenlo onder valt, dat dit een rol speelt. ‘De intensieve veehouderij is een gegeven en de afvoer en verwerking van mest een belangrijk aandachtspunt, ook in de Achterhoek.’ Hij sluit zich daarmee aan bij de advocaat van de provincie Gelderland. ‘We moeten van de mest af en co-vergisters zijn een slimme manier om dat te doen.’

Het OM concludeerde vorig jaar het tegenovergestelde. Justitie meent dat de omvang van de grote veehouderij in Nederland, inclusief het mestoverschot, juist bijdraagt aan de ‘wijdvertakte fraude’ met onder meer co-vergisters. ‘Als het probleem aan de voorkant niet wordt aangepakt en het enorme mestoverschot blijft, zal er fraude blijven.’

Optimistische cijfers

In het kleine Groenlo (10 duizend inwoners) wil Rob Bongers het gesjoemel voor zijn. Hij woont hemelsbreed nog geen 1.500 meter van het terrein waar een van de grootste mestvergisters van Nederland moet verrijzen en vecht met de Stichting Megamestvergister Groenlo Nee de vergunningen aan. Met zijn technische achtergrond mag hij graag gaten schieten in de plannen van het Duitse bedrijf RMS.

‘In de aanvraag rekenen ze met veel te optimistische opbrengsten aan groen gas uit mest en bermgras’, zegt hij. ‘De provincie mag de verwachtingen nu dan temperen, het is onbegrijpelijk dat de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ook hier 175 miljoen euro voor apart zou gaan zetten, zoals eerder gebeurde met een aanvraag van RMS in Venlo. Terwijl dit bedrijf helemaal geen aantoonbare ervaring heeft met zo’n complexe installatie.’

Een deskundige van een onderzoeksbureau, die vanwege de gevoeligheid van de materie anoniem wil blijven, bevestigt dat ‘projecties over bermgras in co-vergisters altijd overdreven worden voor een mooie businesscase, die ze kunnen verkopen’. Hij zegt ook dat een co-vergister zoals het Duitse RMS wil bouwen geen gemakkelijke onderneming is.

Ingewikkeld procedé

‘Je hebt dure toevoegingen die samen met de mest heel goed vergisten’, zegt de onderzoeker. ‘Of je kunt heel goedkope inzetten als stro en bermgras, wat weer veel moeilijker vergist. Het komt dan neer op heel goed management. Ik heb meerdere bedrijven zien sneuvelen.’ Ook een onderzoeker van het Planbureau voor de Leefomgeving zegt: ‘Het is geen bak mest waar je gewoon even een zeiltje overheen trekt’.

Voorafgaand aan de rechtszaak is de Duitse ondernemer achter RMS, Wolf-gang Chantre, laconiek over het verzet tegen zijn project in Groenlo. ‘Omwonenden zijn helemaal niet tegen’, zegt hij. ‘Er is alleen verzet van wat actiegroepen.’ Over zijn ervaringen als mestverwerker verwijst hij naar projecten in Duitsland en België, waarin hij zou participeren met andere ondernemingen.

Omwonende en actiegroep-lid Bongers grijnst hoofdschudden bij zo’n reactie, maar vreest voor de dag dat RMS daadwerkelijk de deuren in Groenlo mag openen. ‘De schaalgrootte op deze plek, kan gewoon niet’, zegt hij. ‘Dit valt onder de noemer chemische industrie. En honderden vrachtwagenbewegingen per dag pal naast een klein stadje, dat is totaal onverantwoord.’ De gemeente en de provincie laten het volgens hem allemaal gebeuren voor een handjevol arbeidsplaatsen op 10 hectare grond.

Wethouder Porskamp laat weten dat de gemeente bij de provincie, de vergunningverlener, steeds aandacht heeft gevraagd voor aspecten als geur, veiligheid, gezondheid en vervoersbewegingen. ‘Wij hebben de overtuiging dat de toetsing zorgvuldig is gedaan en hebben daarom op de ontwerpvergunning geen zienswijze ingediend.’ Volgens de wethouder zijn er voldoende voorwaarden verbonden aan de co-vergister van RMS.

Dit mag zo zijn, de voorzitter van de rechtbank in Arnhem zag woensdag de nodige ‘hobbels bij alle verleende vergunningen’. Zo bleven vragen onbeantwoord door het Waterschap over het ontbreken van emissienormen voor antibiotica en bestrijdingsmiddelen in de waterwetvergunning. Ook de natuurbeschermingsvergunning en de duurzame energieopbrengst riepen veel vragen op.

‘Het is toch geen nieuwe techniek?’, wilde de rechtbankvoorzitter weten. ‘Hoe komt het dan dat u nog geen inzicht heeft in de energieopbrengst?’ En had er, onder meer vanwege de door RMS naar boven bijgestelde hogere stikstofuitstoot, niet sowieso een allesomvattende milieueffectrapportage (MER) gemaakt moeten worden?

Geblunder

Binnen zes weken komt de rechtbank met uitsluitsel. Vollenbroek van Mobilisation for the Environment heeft er het volste vertrouwen in dat de vergunningen zullen sneuvelen. ‘Wat een geblunder van de provincie en het Waterschap’, zegt hij opgewekt als hij de rechtszaal uitloopt. Maar hij weet net als Bongers, die sinds 2015 strijdt tegen de co-vergister bij zijn huis, dat ook dan het einde nog niet in zicht is. ‘Het is met vergunningen helaas net als met een rijbewijs: je kunt almaar zakken, maar je mag het net zo vaak blijven proberen tot je het haalt.’

“We importeren voer, exporteren varkens en houden de rommel hier.”

Voormalig landbouwminister Cees Veerman over de varkenssector.